April 2013

Na een lange, koude winter met veel sneeuw en ijs naderen wij warmere tijden.
Ruim een week geleden kregen wij van Scheepswerf Geertman in Zwartsluis, waar wij de winter hebben doorgebracht, de vriendelijke vraag wanneer wij van plan waren te vertrekken. De vraag werd gesteld in verband met de naderende drukte die ontstaat zodra het weer verbetert. Vorig jaar moesten wij overhaast vertrekken omdat het ineens mooi weer werd. Omdat ik meedoe aan een zangproject bij kamerkoor Arte Vocale externe link kunnen wij nog niet beginnen met onze jaarlijkse zomertrip met de Vrijheid dus moeten wij nog even in de buurt blijven.

Winter in Zwartsluis
Winter in Zwartsluis

Daarom maakten wij op maandag 1 april, tweede Paasdag, de trossen los en voeren richting Enschede. Het was net voor tien uur en door het zonnetje leek het alsof je met je korte broek op het achterdek zou kunnen zitten. Dat schijn bedriegt konden we zien aan het dunne laagje ijs waar onze boeg zich doorheen ploegde. Zonder oponthoud voeren wij over het Zwartewater door Zwolle waar de Spooldersluis al op ons lag te wachten. We konden meteen invaren en met een vrachtschipper meeschutten naar de IJssel. Tegen twaalven gingen wij in de opvaart richting Zutphen waar wij om tien voor vijf aankwamen. Aangezien de sluis vanwege Pasen slechts tot vijf uur bediend werd hebben wij de nacht voor de sluis doorgebracht aan de wachtsteiger.  De volgende morgen, rond de klok van tien, konden wij naar boven schutten in Sluis Eefde. Wederom scheen de zon stralend aan de hemel. Na een lang Twentekanaal gingen wij bij sluis Delden met een beladen vrachtschip mee naar boven. Bij het uitvaren ging het vrachtschip zo traag dat wij niet genoeg vaart konden maken en door de vrij krachtige zijwind tegen de bakboordkant werden gezet. Bij sluis Hengelo kregen wij het gebruikelijke bericht dat wij op de beroepsvaart moesten wachten. Aan bakboord is een stuk oever met meerpaaltjes (dachten wij). Onderweg ernaartoe liepen wij aan de grond. Ik heb met veel duwen en trekken onze schuit weer vlot gekregen waarna wij toch maar naar stuurboordwal zijn gekropen. Na een uur kwam er leven in de brouwerij. Nadat de Anita was uitgevaren gingen wij in de sluiskolk ruim negen meter omhoog en rond een uur of vijf maakten wij vast bij de Enschedese Watersportvereniging. Hier blijven wij tot na het concert op 28 april in Hengelo. Daarna zullen wij weer aan de reis gaan.

Tot dan,
Erica en Hans

golven

Geachte lezers en lezeressen,

Na een lange en koude winter is nu eindelijk weer het moment aangebroken om te vertrekken. Zoals u van ons gewend bent ontvangt u ons reisverslag dat gemiddeld eens per week wordt gemaakt en verzonden. De teksten zijn van mij, de foto’s worden gemaakt door Erica. Veel leesplezier!

29 april
Na een succesvol concert met het kamerkoor Arte Vocale in Hengelo houdt niets ons meer op om te vertrekken. Boodschappen voor een week ingeslagen, de auto weggebracht naar zijn zomerverblijf (Dankjewel Huub!)en de fietsen aan boord. Rond 14:30 maken wij ons los uit de wirwar van boten en bootjes in de jachthaven van Enschede en wenden onze steven richting sluis Hengelo. Het is ondanks de lage temperatuur en een fris windje aangenaam vertoeven in onze stuurhut op het achterdek. Na een half uurtje arriveren wij bij de sluis. De sluiswachter vraagt of er nog meer pleziervaart onderweg is en informeert of er nog beroepsvaart onderweg is  vanuit Enschede. Aangezien hij op beide vragen een ontkennend antwoord krijgt zet hij de sluis om en mogen wij even later invaren. Met een rustig gangetje van een kilometer of 10 per uur tuffen wij door de haven van Hengelo en varen aan de jachthaven van de Hengelose Watersportvereniging voorbij. Na een uurtje komen wij aan bij sluis Delden. Het loopt tegen vijven en wij vragen toestemming om vast te maken aan de jachtensteiger bij de sluis voor de nacht. Dat mag.
De eerste 12 kilometers en de eerste sluis zitten erop. Onze reis is begonnen. Positie: 52°14'49.4"N, 6°40'46.8"E externe link.

30 april
Tegen half elf staat de sluisdeur open. Er is geen scheepvaart te bekennen dus schutten wij alleen naar beneden. Het is mooi weer. De zon schijnt vrij krachtig door de lichte sluierbewolking en er staat weinig wind. De motor snort rustig onder ons en met 1200 tpm. lopen wij ruim tien kilometer per uur. Na een tijdje passeren wij Goor. Slechts af en toe hebben wij tegenvaart. Onder de vaart luisteren wij naar de radio waar uitgebreid verslag wordt gedaan van de troonswisseling. We zijn erg blij met onze nieuwe zonnepanelen die eendrachtig met de dynamo de accu’s al heel snel weer bomvol hebben gepompt.  Zo komen wij rond enen door Lochem en een klein uurtje later bij sluis Eefde. Wij hebben geen haast en de overnachtingssteiger in het toeleidingskanaal aan bakboord is leeg. Wij krijgen toestemming van de sluiswachter om hier te overnachten.
Drie en een half uur gevaren, 31 kilometer afgelegd. Positie: 52°09'36.4"N, 6°14'23.2"E externe link.

1 mei
Het is voor ons doen nog vroeg, kwart voor tien, als ik de sluisdeur open zie staan en een paar schepen ervoor die klaar liggen om in te varen. Ik start de motor en nadat wij de trossen hebben losgemaakt roep ik de sluis op. Als we opschieten kunnen we nog mee zegt ze. Prima, we zijn al onderweg. De zon staat stralend aan de hemel. Na de sluis en het laatste stukje Twentekanaal gaan wij bakboord uit de IJssel op. Er staat een flinke stroom van vier tot vijf kilometer per uur. Het water staat boven normaal dus wij vermoeden dat er flink wat gesmolten Alpensneeuw onder ons doorvloeit. Wij hebben geen haast dus we draaien ‘slechts’ 1500 tpm. Door dicht aan de stuurboordwal te blijven boeken wij een snelheidswinst van tussen de 1 en 3 kilometer per uur. Wij komen echter slechts af en toe boven de 8 kilometer per uur. Het water is woelig dus ik moet veel aan het roer draaien om op koers te blijven. Enige tijd later komt Zutphen in zicht. Met een slakkegangetje daaien wij door de bochtige rivier en passeren Bronkhorst, Dieren, Doesburg en Rheden.

IJssel
IJssel

Na een, zo het lijkt, eindeloze tocht komen wij aan bij de IJsselkop. Er is geen scheepvaart in de buurt dus zonder af te stoppen draai ik stuurboord uit de Nederrijn af richting Arnhem. De snelheid loopt plotseling op van 5,4 naar 16,8 kilometer per uur.

Nederrijn bij Arnhem
Nederrijn bij Arnhem

Na de urenlange slakkengang hebben wij het idee dat we plotseling in een speedboot zitten. Het was een lange vaardag als wij net voor vijf uur vastmaken aan het passantensteigertje van Renkum, net achter de remming van sluis Driel. Hier gaan wij een paar dagen blijven.
De tripmeter staat op 102,6 kilometer dus we hebben bijna zestig kilometer afgelegd in ruim zeven uur. Positie: 51°58'21.3"N, 5°48'26.6"E externe link.

15 mei
Nadat wij nogmaals de watertank hebben gevuld gaan wij rond kwart over tien de Malburgerhaven van Arnhem uit. Even later varen wij stroomafwaarts over de Nederrijn richting sluis Driel. Door de hoge waterstand is de stuw nog steeds geopend waardoor wij niet hoeven te schutten. Vorige week hebben wij hier nog achter de remming aan de steiger gelegen.

Achter de remming bij Driel
Achter de remming bij Driel

Nu varen wij door de stuw naar het volgende rivierpand tussen Driel en Amerongen. Het lijkt wel een ereboog waar wij onderdoor varen.

Stuw bij Driel
Stuw bij Driel

Naarmate wij vorderen gaat het steeds harder regenen. Ter hoogte van Rhenen valt het met bakken uit de lucht. Aangezien de zon niet schijnt is het fris boven in de tent dus zitten wij met de windstoppers aan. Rond een uur komen wij aan bij Amerongen. Hier is de stuw gesloten dus varen wij het toeleidingskanaal naar de sluis in. De sluisdeuren zijn gesloten en de sluismeester meldt ons dat hij met een vrachtschip naar boven komt. Het is praktisch windstil dus wij blijven maar even dobberen. Na een tijdje kunnen wij invaren. Het regent nog steeds dus Erica doet haar regenjas er bij aan. Wij hebben weinig zin om met dit weer verder te varen dus gaan wij bij Wijk bij Duurstede stuurboord uit de dode rivierarm in en leggen tegen tweeën aan in het meertje aan het eind van de arm.
Zesenveertig kilometer in een kleine vier uur. Positie: 51°58'24.8"N, 5°22'48.6"E externe link.

16 mei
Om half elf verlaten wij het plasje bij Wijk bij Duurstede weer, varen de Nederrijn af naar de kruising met het Amsterdam-Rijnkanaal. Van verkeerspost Wijk mogen wij recht oversteken. De door de hoge waterstand brede Nederrijn is vrijwel leeg. Alleen de pontjes blijven heen en weer varen om auto’s en andere vervoermiddelen over te zetten. Een vijftal kilometers voorij Culemborg stuiten wij op de gesloten deuren van sluis Hagestein. Het is weer een natte bedoening. Nadat wij de sluis zijn uitgevaren komen wij bij de kruising van het Amsterdam-Rijnkanaal en het Merwedekanaal Bezuiden de Lek bij Vianen. Wij gaan bakboord uit en maken rond één uur vast achter de remming van de Grote sluis Vianen. Na 25 kilometer hebben wij er wel weer genoeg van. Heel optimistisch leg ik de boot met de punt naar het zuiden zodat de zonnepanelen onze accu’s kunnen opladen. Tja, maar dan moet die zon wel schijnen en dat is helaas niet het geval. Dan maar even bijladen met de generator. Op een droog moment gaan wij van boord en lopen het dorp in. Via het centrum lopen wij naar de supermarkt en kopen wat extra voedingsmiddelen in. Onderweg terug naar de boot doen wij een Chinees aan en gewapend met kant en klaar voedsel lopen wij onder de paraplu door de stromende regen weer terug naar de boot.
Positie: 51°59'52.7"N, 5°05'48.3"E externe link.

17-18 mei
Het is pestweer. Wij blijven even waar wij zijn.

19 mei
Op de eerste Pinksterdag gaan wij tegen half elf achter de remming langs naar de ingang van de Grotesluis in Vianen. Terwijl wij nog naar het marifoonkanaal zoeken heeft de sluiswachter ons al gezien. Hij zet de sluis om en even later kunnen wij invaren. We liggen helemaal alleen in de grote sluiskolk. Aan de andere kant gaat de Wilhelminabrug niet open. Ik roep de brugwachter op en deze verzekert mij dat wij onder de brug door passen. Erica strijkt de mast, de marifoonantenne en het ankerlicht. Inderdaad passen wij er net onderdoor. Prima, nu heeft die ene fietser niet voor de brug hoeven te wachten en hebben wij geen energie verspild voor het openen van de brug. Er gebeurt iets geks. Het is plotseling zo licht vandaag. Even later realiseren wij ons dat de zon schijnt. Het kanaal is niet bepaald bewonderenswaardig alhoewel er hier en daar wel mooie plekjes zijn, zoals in Meerkerk:

Mooi wonen aan het kanaal in Meerkerk
Mooi wonen aan het kanaal in Meerkerk

Een eindje verderop ontdekken wij zelfs een camping op het water, compleet met sanitaire voorzieningen:

Camping op het water!
Camping op het water!

Wij hebben nog een oude ANWB Wateralmanak deel II waardoor de openingstijden van de spoorbrug bij Arkel niet meer kloppen. Wij dobberen twintig minuten voor de gesloten draaibrug. Meteen na de spoorbrug houden wij verplicht bakboord aan naar het omleidingskanaal naar de Linge. Achter de huizen langs varen wij door de openstaande spuisluis naar de Gekanaliseerde Linge en belanden wat later in Gorinchem.

Gorinchem
Gorinchem

Daar moeten wij door de gesloten hefbrug terugkeren naar het Merwedekanaal omdat wij voor de gezellige passantenhaven en jachtensluis met hun lage bruggen te hoog zijn. Bij de Grote Merwedesluis worden wij op onze wenken bediend. Wederom liggen wij alleen in deze grote bak met water.

Grote Merwedesluis
Grote Merwedesluis

Erica aan de sliptros
Erica aan de sliptros

Het hoogteverschil is miniem en tien minuten later varen wij de Boven Merwede af richting Werkendam. Er is nogal wat deining op deze brede rivier, veroorzaakt door snelvarende plezierjachten en snelle veerboten. Het is wat je kunt noemen a bumpy ride. Even voorbij het stadje Werkendam varen wij bakboord uit het Steurgat in naar de Biesboschsluis. Na even gewacht te hebben schutten wij met nog twee andere jachten ‘naar binnen’. Ons mooie plekje een eindje verderop is helaas bezet. Een snelvarend jacht heeft het voor elkaar gekregen een steiger voor vier boten in zijn eentje geheel te bezetten. Wij varen door naar de volgende aanlegmogelijkheid maar daar liggen de jachten al dubbel. Het is Pinksteren. Voorlopig is er geen voorziening meer in de buurt dus gaan wij onverrichterzake om kwart over drie voor anker in het Gat van Paulus, midden in Nationaalpark de Biesbosch.
Achtendertig kilometer in vier uur en drie kwartier. Positie: 51°45'26.3"N, 4°50'44.2"E externe link.

21 mei
Het is koud en het regent pijpenstelen als wij om half elf het anker ophalen. Met de jas aan, bibbers in de knieën en de ruitenwisser aan banen wij ons een weg door de regen. Het nationaalpark is zo goed als verlaten. Slechts een enkele, zeer slecht bezette passagiersboot, waarschijnlijk met enkele verdwaalde Japanners kruist ons pad. Wij steken schuin de Bergse Maas over naar de Amertak. Deze gaat een paar kilometer verder over in het Wilhelminakanaal. Bij Oosterhout houden wij bakboord aan en komen bij de WSV Sluis 1. De telefoon wordt niet opgenomen dus leggen wij even aan bij de meldsteiger. De havenmeester vertelt ons met spijt in het hart dat wij te breed zijn voor hun jachthaven. Op zijn aanwijzingen leggen wij aan de overkant aan bij een kade zonder voorzieningen die eigenlijk voor de beroepsvaart bestemd is. Er ligt nog een motorjacht dat te groot voor de jachthaven is. Het is middag.
We hebben vijftien kilometer gevaren in anderhalf uur. Positie: 51°38'45.8"N, 4°50'43.3"E externe link. En het blijft maar regenen…

22 mei
De winkels zijn verder weg dan we dachten. Doordat wij door de dikke meerpalen een eind van de oever afliggen is het ondoenlijk om de fietsen aan de wal te zetten. We hadden even naar de ANWB gewild voor een nieuwe almanak maar een telefoontje naar bunkerschip de Dintel leert ons dat zij deze ook verkopen. Wij gaan daar binnenkort toch diesel bunkeren dus kunnen wij dan ook meteen daar een almanak aanschaffen. Het is warempel droog! Sterker nog, de zon schijnt als wij tegen  elf uur losmaken. We varen naar de Marksluis waar wij vlot worden bediend. Als wij in de sluis liggen worden wij via de luidsprekerinstallatie verzocht om contact op te nemen met de sluismeester. Door een indringende fluittoon kunnen wij de goede man nauwelijks verstaan. Het blijkt dat onze marifoon blijft hangen op ‘Transmit’ waardoor het gehele marifoonkanaal wordt geblokkeerd. Onze oude Becker heeft dat al vaker bij de hakken gehad. Een keer uitschakelen en weer aanzetten biedt soelaas. Na de sluis varen wij een paar kilometer door het Markkanaal naar de Mark. Wij houden onder de verkeersbrug door stuurboord aan, volgen de Mark een kilometer tot het dorpje Terheijden opdoemt. Wij varen de haveningang in aan stuurboord en leggen om kwart over twaalf aan bij de kade in het dorp.
Een uur en een kwartier gevaren, ruim negen kilometer afgelegd. Positie: 51°38'31.5"N, 4°44'48.4"E externe link.

23 t/m 25 mei
Terheijden is een leuk plaatsje en het havengeld is niet veel. Wij betalen € 8,80 per nacht incl. toeristenbelasting en water. Je krijgt veel stroom voor je € 0,50 muntje uit de paal. Wij gaan een paar keer met de fiets op pad om levensmiddelen, benzine en geneesmiddelen aan te schaffen. Bovendien halen wij in twee keer € 1.000,- aan contanten uit de flappentap want bij het bunkerschip moet je contant betalen. Op zaterdag krijgen wij bezoek. Esther woont in Breda, een kattensprongetje van Terheijden verwijderd. Aangezien zij nog herstellende is van een fikse griep en bovendien last heeft van wagenziekte komt ze liever niet aan boord. Daarom hebben wij afgesproken dat zij ons met de auto komt halen om Breda te gaan bekijken. Als ze zelf achter het stuur zit heeft ze gek genoeg geen last van die duizeligheid. Na weken mijn hoofd te hebben gebroken over de manier hoe de zonnepanelen op het dek te bevestigen heb ik een concreet plan bedacht. Esther is bereid om met ons naar een bouwmarkt te rijden waar we vinden wat we zoeken. Aangezien door de ronding van het dek de grote zonnepanelen moeten worden opgehoogd kopen wij o.a. ronde buis en hoekprofiel van aluminium.

Het materiaal
Het materiaal

Na de aankopen gaan wij naar de binnenstad waar het gezellig druk is. Esther leidt ons door haar geboortestad en laat ons een paar mooie bezienswaardigheden zien, o.a. het Begijnhofje. Helaas geen foto’s omdat we geen fototoestel bij ons hadden. We eten en drinken wat en aan het eind van de middag levert Esther ons weer keurig af bij onze Vrijheid in het haventje van Terheijden.

26 mei
Wij hebben voorlopig genoeg te eten en voordat we weggaan heb ik nog de watertank gevuld. We varen tegen half twee weg uit het haventje van Terheijden en gaan stuurboord uit richting Volkerak. Het is redelijk weer maar de temperatuur is nog steeds ver beneden de maat. Er is niet veel scheepvaart op de Mark. We hebben een klein beetje stroom mee. We varen een aantal kilometer door het fraaie, weidse landschap van west-West-Brabant met haar rietkragen, landbouwgrond, weiden en bomen. Vlak voor Zevenbergen, een eindje voor de spoorbrug vinden wij een ligplaats aan bakboord waar wij tegen kwart voor drie aanleggen. We hebben geen haast.
Ruim tien kilometer in ruim een uur. Positie: 51°37’35.7"N, 4°36’14.7"E externe link.

27 t/m 29 mei
We maken gebruik van het redelijke weer om met de zonnepanelen aan het werk te gaan. We hebben nu alle benodigde materialen aan boord en we willen geen dag langer het risico lopen dat door harde wind de zonnepanelen van ons dek waaien. Twee dagen zijn we aan het passen en meten, zagen, vijlen, boren en schroeven. Het hoekprofiel wordt op de buis geschroefd waardoor er een verhoging ontstaat met een ronde onderkant om de scheve hoek op te vangen. Het zonnepaneel wordt aan het hoekprofiel bevestigd waardoor een stevige constructie ontstaat waar de wind (hopelijk) geen vat op heeft. Van het hoekprofiel maak ik nog zijsteunen zodat alle schroefgaten van de hoekprofielen kunnen worden gebruikt voor bevestiging. De weersomstandigheden zijn gunstig. Het is droog en af en toe schijnt de zon. Er staat niet te veel wind. Uiteindelijk hebben wij de constructie zover dat deze op het dek in de kunststof hoekprofielen kan worden geplaatst.

De constructie, zonder de kunststof hoekprofielen
De constructie, zonder de kunststof hoekprofielen

30 mei
De windverwachting van Nauticlink geeft aan dat het vandaag nagenoeg windstil zal zijn. Weinig kans op wegwaaien van de zonnepanelen dus. Na twee dagen klussen in de landelijke maar ook eenzame omgeving varen wij tegen tienen weg van de plank met palen richting de spoorbrug van Zevenbergen.

Onze laatste ligplaats in de Mark
Onze laatste ligplaats in de Mark

Het is zwaarbewolkt maar droog en er staat inderdaad zeer weinig wind. De rivier meandert door het fraaie landschap dat hier en daar wordt bestukt met windmolens. Bij de spoorbrug hoeven wij nog geen vijf minuten te wachten. Geen vertraging door NS deze keer. Even verderop passeren wij aan bakboord jachthaven ’t Lamgat en aan stuurboord de Roode Vaart die naar Zevenbergen leidt. In een inham ligt nog een jachthaven. In Standaardbuiten verandert de naam van de rivier in de Dintel. Aan bakboord passeren wij het kanaaltje naar Oudenbosch. Even voorbij Stampersgat laten wij het Mark-Vlietkanaal richting Roosendaal aan bakboord liggen. Na enige tijd arriveren wij bij Dinteloord. De Prinsenlandsebrug wordt vlot gedraaid en na door de openstaande Mandersluis gevaren te zijn doemt aan bakboord het bunkerschip De Dintel op. Er vaart net een jacht weg waardoor wij meteen bij de dieselpomp kunnen aanleggen. Wij bunkeren 715 liter diesel, kopen een nieuwe ANWB wateralmanak, een paar lampen 24V 50W en een nieuwe bolfender die we vorige week op de Merwede hebben verloren, een dure grap. We moeten gewoon niet meer vergeten die dingen binnen te halen, vooral als je op onrustig water komt te varen. We rekenen ruim € 1.100,- af, een pak geld. Maar hiervoor kunnen wij nu wel de hele zomer blijven rondvaren. Met volle tanks (1.000 liter) varen wij weer terug over de Dintel, Stampersgat, Standaardbuiten, tot wij aan bakboord een mooie nieuwe aanlegplaats vinden waar wij even voor half vier aanleggen.
Bijna veertig kilometer in vijf en een half uur. Positie: 51°37'49.5"N, 4°34'26.8"E externe link.

31 mei
Tegen elven varen wij weg richting de spoorbrug bij Zevenbergen. We varen even naar de meldsteiger waar een praatkastje zit. Een andere manier om je te melden is er niet. We krijgen te horen dat de brug over vijf minuutjes wordt bediend. Inderdaad hoeven wij niet lang te wachten. Wij keren terug op onze golven tot aan terheijden waar wij willen gaan liggen om het zonnepanelenproject af te maken. Helaas is in het haventje een Luxe Motor van een meter of 18 neergestreken waardoor er voor ons geen plaats meer is. We keren en varen een eindje door tot in Breda waar wij rond de klok van één aanleggen in de passantenhaven. Vlak bij zijn een Aldi en een Jumbo. Aan de overkant van de straat is zelfs een grote Aziatische  supermarkt. We maken van de zeldzame gelegenheid gebruik om daar ook even wat ingrediënten te kopen voor in de keuken.
Twintig kilometer in twee uur. Positie: 51°35'44.7"N, 4°46'14.0"E externe link.

1 juni
Vandaag bel ik naar de havenmeester van Terheijden maar die meldt dat de Luxe Motor er nog de hele week blijft liggen. Geen plaats voor ons dus. We besluiten nog een nachtje bij te boeken in Breda (€ 14,- p/nacht) en de zonnepanelen aldaar definitief op het dek te bevestigen.

2 juni
Gisteren hebben wij de bevestigingshoeken en verbindingsstukken op het dek geplakt met kit.
De kit is nu droog dus ik leg de laatste hand aan het zonnepaneelproject. Eerst gaten voorboren, daarna de schroeven erin. Het karwei duurt nog geen half uur.

Eindelijk vast
Eindelijk vast

De panelen zijn nu stormvast op het dek bevestigd en dat geeft mij een goed gevoel. We weten allemaal hoe het weer ineens kan omslaan in dit land. Om kwart voor elf maken wij de trossen los en varen weg uit de haven van Breda. Ons doel is Oirschot. Zodra wij Breda verlaten hebben varen wij stuurboord uit het Markkanaal op. Het is mooi weer waardoor wij weer volop kunnen genieten van onze reis en van de opbrengst van de zonnepanelen. Na de Marksluis draaien wij stuurboord uit naar het Wilhelminakanaal en stuiten op sluis 1. Even later varen wij een meter of zes hoger weer uit. Wij verlaten Oosterhout en passeren Dongen.

Wilhelminakanaal Wilhelminakanaal

Nog net buiten de bebouwde kom van Tilburg komen wij aan bij sluis II. Deze wordt vlot bediend en na een smal gedeelte door een industrieterrein komen wij aan bij de dubbeltraps sluis III. Het schutten duurt lang, maar we hebben geen haast.

Sluis III bij Tilburg
Sluis III bij Tilburg

Na een tijdje komen wij in de buurt van het centrum van Tilburg en komen de lage bruggen. De centrale bediening vraagt of er nog scheepvaart achter ons zit. We hebben de hele dag nog geen andere scheepvaart gezien. De brugbediening is fantastisch. We kunnen gewoon doorvaren. Langs het kanaal zijn een aantal ligplaatsen voor de pleziervaart gecreëerd maar daar ligt niemand. Het is goed om te onthouden voor de volgende keer. Ter hoogte van de ingang van de Piushaven staat een bord waarop te lezen staat dat de haveningang gestremd is tot 16 juni. Daar zijn dus ook al geen passanten momenteel. Na de Trappistenbrug varen wij door de natuurlijke roeibaan ter hoogte van recreatiepark de Beekse Bergen. Het is al vier uur geweest en op zondag is de brug-en sluisbediening tot 17:00 uur. Bij sluis IV vraag ik aan de sluiswachter of het mogelijk is om bij de sluis te overnachten. Dat kan, aan de bovenkant van de sluis is een mooie aanlegsteiger.

Sluis IV bij Haghorst
Sluis IV bij Haghorst

Nadat we de sluis zijn uitgevaren maken wij in het dorpje Haghorst daar om kwart over vier vast voor de nacht.
Drieënveertig kilometer in vijf en een half uur. Positie: 51°29'54.5"N, 5°12'31.8"E externe link.

3 juni
Rond de klok van tien vervolgen wij onze reis. Na een kilometer of acht komen wij door Oirschot. Voorbij het passantenhaventje, dat door niemand wordt gebruikt, is een lange vrije aanlegplaats voor pleziervaart. Er is ruimte genoeg dus wij zouden daar gemakkelijk bij kunnen. Toch besluiten wij door te varen omdat de plek geheel in de schaduw van de bomen ligt. Het alternatief is Aarle-Rixtel, een mooie aanlegplek waar geen bomen in de weg staan en waar wij met de boeg naar het zuiden kunnen liggen. Ter hoogte van Best varen wij het Beatrixkanaal naar Eindhoven voorbij. Wij laten Eindhoven rechts liggen, passeren Son, nemen sluis V bij Lieshout waarna wij tegen enen aankomen in het passantenhaventje in Aarle-Rixtel, aan de doodlopende arm van de oude Zuid-Willemsvaart.

Aarle-Rixtel
Aarle-Rixtel

We zijn even bang dat er geen plek zou zijn want het ligt behoorlijk vol. De ligplaatsen zijn in deze hoek van Nederland dun bezaaid. Het valt echter mee, we kunnen er bij. De zon schijnt. Met de achterwand van de tent helemaal open zitten wij op het achterdek. Eindelijk lente!
Een en dertig kilometer in drie uur. Positie: 51°30'53.3"N, 5°38'59.6"E externe link.

4 t/m 7 juni
In Aarle-Rixtel is niet veel te beleven, maar een paar kilometer fietsen verderop ligt Helmond. We zetten onze fietsen ergens neer en gaan lekker winkelen in het centrum. Wij zijn aardig door onze kleding heen en Erica scoort een korte broek. Wij gaan tevens op zoek naar een nieuwe mobiele telefoon maar dat valt nog niet mee. De zonnepanelen presteren uitstekend. Overdag wordt het tekort wat in de avond door televisie, verlichting etc. in de accu’s is ontstaan weer aangevuld.

8 juni
Omdat Erica komende week een afspraak heeft in Enschede hebben wij besloten naar ’s Hertogenbosch te varen. Tegen tienen verlaten wij de inmiddels druk bezette passantenhaven, steken het Wilhelminakanaal over en gaan in de afvaart op de Zuid-Willemsvaart richting noordwest. Bij de Beeksebrug ter hoogte van Beek en Donk liggen wij een kwartier te dobberen voordat de brug wordt bediend. Verder is de bediening prima. We passeren sluis 6 en sluis 5 zonder oponthoud. Ter hoogte van Veghel kunnen wij zo sluis  4 invaren. Onderweg lezen wij op grote borden dat Rijkswaterstaat bezig is met een verbetering van de Zuid-Willemsvaart. Dan mogen zij het oude hefbruggetje in Veghel in een reeds lang in onbruik geraakt rangeerspoor van de NS wel eens weghalen. De doorvaart is smal en laag en voor zover wij kunnen nagaan de enige flessenhals in de vaart. Even voorbij Heeswijk-Dinther nemen wij sluis Schijndel waar ook de centrale bedieningspost gevestigd is voor het tracé Den Bosch- Wilheminakanaal. Na de plaatsjes Middelrode en Berlicum komen wij aan bij de bovenkant van sluis 0, vlak bij het centrum van ’s Hertogenbosch. Aan bakboord is een voorziening voor de pleziervaart en er is plek genoeg. We leggen daar tegen kwart voor drie aan.
Een en dertig kilometer in vier uur en drie kwartier. Positie: 51°41'16.6"N, 5°19'05.9"E externe link.

9 t/m 11 juni
Wij pakken de fiets en gaan de stad in. Wij slagen voor een mobiele telefoon, een korte broek voor mij en een paar bootschoentjes. Dinsdag gaat Erica naar Enschede voor haar afspraak.

12 juni
We zitten in een lastig parket. Volgende week donderdag is alweer de volgende afspraak in Enschede dus we moeten in de buurt van de spoorwegen blijven. We kunnen niet zolang in ’s Hertogenbosch blijven want je mag nergens langer dan drie dagen achtereen liggen. Veel mogelijkheden zijn hier niet. We besluiten om eerst maar weer op onze schreden terug te keren. Dus maken wij tegen half elf rechtsomkeert en varen terug in de richting Helmond. In Veghel draaien wij bakboord uit richting passantenhaven en leggen daar aan bij het watertappunt om onze watertank bij te vullen.

Passantenhaven Veghel
Passantenhaven Veghel

Na een uur zit deze weer vol waarna wij weer terugvaren naar het kanaal en onze weg richting zuidoost vervolgen. In Beek en Donk, tussen de brug en sluis 6, is aan stuurboordwal een aanlegplaatsje voor twee of drie jachten die daar drie dagen mogen liggen. Wij leggen daar tegen drie uur aan en lopen naar het dichtbij gelegen winkelcentrum om wat voorraden aan te vullen.
30 kilometer in vijf uur. Positie: 51°32'20.6"N, 5°37'53.0"E externe link.

14 juni
Het is een mooie boodschappenstek maar leuk liggen is het er niet. Tegen half elf zien wij een vrachtschip wachten voor sluis 6. Wij besluiten mee te schutten. Na de sluis komen wij bij de Beeksebrug, een ophaalbrug. Het vrachtschip voor ons gedraagt zich vreemd. Het drijft helemaal naar de kant en als de brug open is maakt het geen aanstalten om door te varen. Even later heeft de vrachtschipper toch in de gaten dat de brug openstaat en vaart hij langzaam op. Hij maakt domme stuurfouten en knalt met de stuurboordkant hard tegen het brughoofd. Even voorbij de brug zien wij een ander vrachtschip ons tegemoet komen. De voor ons varende schipper gaat geen meter aan de kant in het smalle kanaal. Het lijkt wel of de schipper voor ons dronken is. Bij het Wilhelminakanaal gaat de vrachtschipper bakboord uit richting Weert en wij gaan rechtdoor naar Aarle-Rixtel om daar nog een paar dagen door te brengen. Deze keer hebben wij pech want alles ligt vol. Wij maken onverrichterzake rechtsomkeert en volgen de dronken schipper die overigens al in geen velden of wegen meer te zien is. (Of moet ik zeggen: In geen meren of kanalen?) Na een aantal kilometers rond Helmond gevaren te hebben komen wij bij sluis Helmond. Ik vraag aan de sluismeester of wij bij de sluis ligplaats mogen nemen. Dat mag, aan de bovenkant aan bakboordzijde. Wij schutten naar  boven en leggen daar om een uur aan.
Elf kilometer in twee en een half uur. Positie: 51°27'50.9"N, 5°41'41.3"E externe link.

15, 16 en 17 juni
Het is wisselvallig weer en wij maken van een droge periode gebruik door met onze fietsen Helmond in te gaan en proviand in te slaan. Wij willen op 17 juni weer vertrekken en voordat we dat doen wil ik de pakkingdrukker van de schroefasgland aandraaien. Tijdens deze handeling breekt een van de twee schroefdraadeinden bij de las aan de schroefaskoker af. Oeps! Dat is een serieus probleem. We liggen niet bepaald in de buurt van een scheepswerf en wij durven ook niet te gaan varen met dit euvel. Het zal ter plekke moeten worden gelast. Uit ervaring weet ik dat sluiswachters nog wel eens wat weten en daarom bel ik hem en leg het probleem voor. Hij weet inderdaad wel wat. Een kwartier later belt hij terug en geeft mij een adres van een machinefabriek die ook voor Rijkswaterstaat werkt. In de middag komt een monteur bij de boot aanlopen. Hij kan niet met de auto tot bij de boot komen want wij liggen aan een fietspad. Hij heeft een draagbaar lasapparaatje bij zich. Met behulp van de generator en de accu’s kunnen wij net genoeg stroom opwekken om het lasapparaat te laten lassen.  Na een half uur is het draadeind weer gelast. Het is nu te laat om nog te vertrekken.

18 juni
Wij verlaten rond tien uur onze stek en zakken in sluis Helmond weer naar beneden. Wij varen door de Zuidwillemsvaart terug om de stad Helmond heen en gaan nog een keer kijken bij de aanlegplek in Aarle-Rixtel. Nu is daar wel plaats gelukkig. Wij leggen daar tegen kwart over elf aan.
Acht kilometer in een uur en een kwartier. Positie: 51°30'54.8"N, 5°38'59.2"E externe link.

19 juni
Om tien uur verlaten wij het mooie plekje bij Aarle-Rixtel en willen bakboord uit richting Tilburg om daar een paar dagen te gaan liggen en van daar uit naar Enschede te gaan. De ophaalbrug een eindje verderop staat dubbel rood, dus is er geen bediening. Het kanaal is kennelijk gestremd. Daarom draaien wij weer om en gaan noordwaarts richting ’s Hertogenbosch. Dit is nu de derde keer dat we dit stukje kanaal varen. Na een reis zonder oponthoud komen wij om half drie aan bij sluis 0 in Den Bosch
Eenendertig kilometer in vier en een half uur. Positie:  51°41'16.5"N, 5°19'06.0"E externe link.

20 t/m 26 juni
Op donderdag gaan we met de trein naar Enschede voor artsenbezoek en de post. Wij brengen een leuke middag door bij Monja. Aan het eind van de middag valt de regen met grote bakken uit de lucht. Als wij de kleine (grote) meid willen ophalen van de buitenschoolse opvang moeten wij een flinke omweg maken want overal staan de straten en kruispunten blank. Wij hebben in Enschede nog nooit zoveel water gezien. Tegenover de buitenschoolse opvang is ons favoriete restaurant gevestigd en wij besluiten spontaan om daar een hapje te gaan eten. Na een voorspoedige treinreis komen wij ’s avonds laat weer bij de boot aan.
Op woensdag krijgen wij bericht dat onze huurders zware wateroverlast hebben. Dus klimmen wij in de telefoon om professionele hulp in te schakelen.  Het is koud en het regent zeer regelmatig. Tussen de buien door gaan wij de stad in om boodschappen te halen. Op zondag, de dag dat wij weer willen vertrekken, gaat een van mijn gehoorapparaten stuk. Dus pakken wij maandag weer de fiets en gaan naar de Oorzaak. Na controle blijkt het apparaat defect te zijn en het moet ter reparatie worden opgestuurd. Daardoor zijn wij gedwongen wat langer in Den Bosch te blijven dan de bedoeling was.

Sluis 0 in Den Bosch
Sluis 0 in Den Bosch

Op maandag gaat onze internet-router stuk. Pfff! Het zit ons deze week niet mee. Aangezien wij beiden zeer frequent gebruik maken van internet moet dit probleem worden opgelost. Wij hebben nog een dure router in de kast liggen maar die is zeer onbetrouwbaar en niet te gebruiken. Na rijp beraad ga ik (met mijn nieuwe smartphone als hotspot) op internet zoeken naar een nieuwe. Ik bestel er eentje in Tilburg. De router moet opgestuurd worden maar waar naartoe? Wij hebben onderweg geen adres. Aangezien wij toch vrij reizen hebben besluiten wij de router in Enschede te laten bezorgen. Op woensdagmorgen krijgen wij bericht vanuit Enschede dat het pakje is binnengekomen. Erica gaat met de trein naar Enschede. Tegen de avond is ze terug. De router is snel geïnstalleerd en werkt perfect. Wat een verademing! Deze doet het veel beter dan onze oude.
Het gehoorapparaat is inmiddels terug bij de Oorzaak maar moet opnieuw ingesteld worden. Het blijkt achteraf een nieuw exemplaar te zijn.

27 juni
Wij zijn om half tien bij de Oorzaak. Na terugkomst bij de boot zetten wij meteen de fietsen aan boord, starten de motor en maken los. We wachten tot sluis 0 ‘boven’ is en varen achter drie vrachtschepen binnen. Er is nog net een plekje waar wij kunnen liggen in de grote sluiskolk. In slakkengang varen wij in konvooi met de vrachtschepen voor ons door het smalle kanaal door de stad. Het is tamelijk goed weer. Even buiten Den Bosch varen wij over de plas Eertveld en via de Gekanaliseerde Dieze tot sluis Engelen. Wij krijgen van de sluiswachter te horen dat wij pas met de tweede schutting mee kunnen.

Sluis Engelen
Sluis Engelen

Na een uur mogen wij invaren. Door een inschattingsfout van de sluismeester komen wij nogal ongelukkig in de sluis te liggen, vlak achter een vrachtschip met meerdere plezierboten stijf tegen elkaar aan. Aan bakboordzijde blijft een hele strook vrij waar wij eigenlijk beter hadden kunnen liggen. Na een hele poos sliptros vasthouden en boot afduwen gaan aan de andere kant de deuren open. Even later varen wij de Maas af richting west. Wij passeren de plaatsjes Ammerzoden, Heusden, Waalwijk en Raamsdonkveer. Meteen na de Amercentrale gaan wij bakboord uit naar de Amertak. Bij de Marksluis hebben wij geluk, we kunnen zo invaren. In Terheijden ligt het haventje helaas weer vol dus richten wij onze steven naar Breda waar wij rond half zeven aankomen. ’s Avonds krijgen wij bezoek van Esther. Gezellig!
Zeven en een half uur gevaren, zevenenvijftig kilometer afgelegd. Positie: 51°35'42.1"N, 4°46'15.2"E externe link.

29 juni
Gisteren hebben wij de watertank gevuld en onze koelkast. Wij hebben tevens brandstof ingeslagen voor onze generator en buitenboordmotor. Tegen kwart voor twaalf varen wij weg uit Breda en volgen de Mark verder in westelijke richting. Achter ons varen nog twee andere motorjachten die ons wat later voorbijlopen.

Op de Mark
Op de Mark

Bij de spoorbrug bij Zevenbergen wachten wij vijf minuten. Na Standaardbuiten zien wij aan stuurboord een mooie plek om aan te leggen. Een mooie plek voor het weekend.
Zeventien kilometer in twee uur en drie kwartier. Positie:  51°37'09.5"N, 4°29'22.3"E externe link.

1 juli
Gisteren hebben wij onze rubber bijboot opgeblazen en de buitenboordmotor opgehangen en laten proefdraaien. Om kwart over elf vervolgen wij de Mark en Dintel door Stampersgat en Dinteloord. Na de openstaande Manderssluis komen wij op het Volkerak. Wij varen noordwaarts in de richting Volkeraksluizen even voorbij Ooltgensplaat. Onze bestemming is het Brielsemeer maar dat is voor één dag een beetje te ver. Daarom willen wij een tussenstop inlassen. Bij de jachtensluis aan bakboord vinden wij om kwart voor één een mooie plek om te overnachten.
Zestien kilometer in anderhalf uur. Positie:  51°41'34.4"N, 4°23'51.9"E externe link.

2 juli
Om tien uur, als wij richting openstaande sluis varen, zien wij nog net de deuren dichtgaan. Wij wachten op de volgende schutting. Het is mooi weer, niet teveel wind en een zonnetje. De temperatuur mag nog wel ietsje hoger. We varen op ruim water bakboord uit naar het Haringvliet en varen even later onder de enorme Haringvlietbrug door.

Haringvlietbrug
Haringvlietbrug

Haringvlietbrug bij noordoever
Haringvlietbrug bij noordoever

Wij houden de betonning aan en passeren het eiland Tiengemeten aan stuurboordzijde. Even voorbij de Korendijkse Slikken ronden wij de scheidingston naar het Spui. We hebben meteen een flinke stroom tegen waardoor onze snelheid van 11 km/u afneemt naar 8. Wij passeren de dorpjes Goudswaard en Nieuw-Beijerland.

Villa aan het Spui
Villa aan het Spui

Ter hoogte van Oud-Beijerland mondt het Spui uit op de Oude Maas, een druk bevaren scheepvaartroute. Wij gaan bakboord uit richting Spijkenisse. Even voorbij de Spijkenisserbrug moeten wij de drukke vaarweg oversteken naar de Voornsesluis die toegang biedt naar het Brielsemeer. Het is een drukte van belang en als ik even een gaatje zie geef ik gas en steek dwars door het schroefwater van een grote duwbakcombinatie over. Dat had ik beter niet kunnen doen want we maken een flinke rol waarna wij een hoop lawaai horen vanuit de openstaande kajuitdeur. Na aankomst bij de Voornsesluis gaat Erica op inspectie en ontdekt dat onze magnetron van de kast af gevallen is en in onderdelen op de grond ligt. Deze had ik vergeten vast te zetten… Wij passeren de sluis en varen over het Voedingskanaal dat evenwijdig loopt aan het Hartelkanaal. Slechts een halfhoge dijk scheidt ons van de enorme havencomplexen van de Botlek en de grote zeeschepen. Op het Brielsemeer, ter hoogte van Brielle, gaan wij op zoek naar een ligplaats. Die vinden wij om kwart voor vijf achter de Middenplaat, aan een mooie steiger in een mini-natuurgebied.

Brielsemeer
Brielsemeer

De schade aan de magnetron valt nog mee. De deur zit er zo weer in en bij controle blijkt hij zelfs nog te werken! We zullen alleen een nieuw glazen draaiplateau moeten aanschaffen want die is wel gesneuveld. Behalve de magnetron heeft mijn zelfvertrouwen ook een aantal deuken opgelopen. De plek waar we liggen is wel erg mooi en dat maakt weer veel goed.

Oase in de Botlek
Oase in de Botlek

We kunnen zowaar op het achterdek zitten.  Negenenvijftig kilometer in zes uur en drie kwartier. Positie: 51°54'28.9"N, 4°11'33.8"E externe link.

3 t/m 5 juli
We kunnen weer eens gebruik maken van onze bijboot. Aan de overkant van het Brielsemeer ligt het stadje Brielle. We varen met de ‘boodschappenboot’ naar het stadje en lopen door het oude centrum. We kopen een nieuw kabelslot voor de bijboot en nemen wat etenswaren mee uit de plaatselijke supermarkt. Vrijdag beginnen we aan een karwei waar we al lang tegen aanhikken. Door ziekte en gebrek zijn wij de laatste jaren niet echt toegekomen aan het goed onderhouden en reinigen van de boot. Hierdoor zit er een vieze bruine aanslag op de romp waardoor onze boot er uitziet als die van Malle Pietje. Met zijn tweeën gaan wij in de bijboot de romp te lijf met vloeibaar schuurmiddel en schuursponsjes. Na één middag is de helft gedaan. Wat een verschil!!

6 juli
Op het Brielsemeer mag je nergens langer liggen dan drie dagen. Bij het verhalen moet men minstens vijfhonderd meter van de oorspronkelijke ligplaats een nieuwe kiezen en binnen vijf dagen mag men niet terugkeren naar dezelfde plek. Zo ontstaat er een voortdurende migratie van boten op het meer. Daarom verlaten wij, met het bijbootje op sleeptouw, rond kwart voor elf onze ligplaats en varen naar het eindpunt van het meer aan de westzijde. Achter een paar eilandjes is een doodlopende kreek waar wij een vrije ligplaats vinden.

Doodlopende kreek
Doodlopende kreek

Rond kwart voor twaalf leggen wij daar aan, dit keer met de ‘vieze’ kant aan de buitenkant. We nemen weer plaats in onze ‘werkboot” en beginnen aan het tweede deel van het karwei. Het kost wat inspanning maar het resultaat mag er zijn. We zien weer de oorspronkelijke kleur van ons schip. Tegen de avond varen wij met onze ‘ijsboot’ naar de overkant van het meer voor een lekker ijsje. Het is zomer!
Zeven kilometer in een uur. Positie: 51°55'55.3"N, 4°06'45.5"E externe link.

7 en 8 juli
Met de tent helemaal open is het lekker op het achterdek. Erica legt de laatste hand aan ons schoonmaakproject. Als laatste is de spiegel aan de beurt. Nu is de boot buitenom weer helemaal schoon. Er zijn nog wel beschadigingen te zien maar die vallen vanaf een afstandje niet zo op. Dat is weer een volgend project.

Industriegebied?
Industriegebied?

9 juli
Onze 3 x 24 uur zitten er weer op dus verkassen wij weer. We moeten ook water bijvullen dus gaan we op zoek naar een watertappunt. Om half elf maken wij los en willen wegvaren. Dat is nog niet zo eenvoudig want we liggen met de kont in de blubber. Na enig heen en weer getrek met de boot komen wij los en varen weg uit de kreek en weer terug richting Brielle. Onderweg zien wij bij de ingang van de Watersport Vereniging Brielle een watertappunt met een muntautomaat. We nemen ruim 700 liter water in. Daarna varen wij verder in oostelijke richting. Aan de achterkant van de Middenplaat is er nog plek voor ons. Weliswaar iets vroeger dan de toegestane vijf dagen (maar ja, er moet ook wel plek zijn) belanden wij op nagenoeg dezelfde plek als drie dagen geleden.

Bedelend zwanenpaar met jongen
Bedelend zwanenpaar met jongen

Twee uur en drie kwartier, dezelfde zeven kilometer weer terug. Tegen de avond laten wij de ‘vuilnisboot’ in het water zakken en laden onze portie afval die wij de afgelopen dagen hebben opgespaard. Er zijn nergens afvalbakken te bekennen dus moeten wij zien hoe wij van ons afval afkomen. Een kilometer verderop zien wij een parkeerplaats annex pleisterplaats met daarbij grote groene afvalbakken. We parkeren de bijboot op de helling voor boottrailers en gooien onze afval in de daarvoor bestemde bakken. Met onze ‘patatboot’ varen wij later nog naar een patatkraam want ik heb geen zin meer om te gaan koken.
Positie: 51°54'29.2"N, 4°11'31.4"E. externe link

10 juli
Rond kwart over elf verlaten wij de Middenplaat en varen richting de Voornse sluis. We passeren de plaatsjes Heenvliet en Geervliet en komen een uur later ten noorden van Spijkenisse bij de sluis aan. Deze gaat net open waardoor wij vrij snel in kunnen varen. Aan de andere kant van de sluis komen wij uit op de Oude Maas. Ik meld mij bij Sector Oude Maas en ga bakboord uit onder de in aanbouw zijnde nieuwe Botlekbrug door naar de Nieuwe Waterweg.

Nieuwe Waterweg
Nieuwe Waterweg

Daar aangekomen gaan wij in de opvaart richting Rotterdam. Het is vrij rustig op de anders zo drukke verkeersader. Overal liggen grote zeeschepen en dit zijn nog niet de allergrootste want die komen niet verder dan de Maasvlakte bij Hoek van Holland.

Tanker Norient
Tanker Norient

Na een uurtje stroomopwaarts steken wij de brede vaarweg over naar de Parksluizen.  Als wij deze in zicht krijgen zien wij de sluisdeuren nog openstaan en de lichten op groen. Ik roep snel de sluiswachter op en vraag of wij nog meekunnen. Hij verzoekt ons er een ‘klapje’ bij te doen omdat de brug al vrij lang openstaat. Na de Parksluis komen wij aan in de Coolhaven waar wij om kwart over twee aan bakboord aanleggen.

De Vrijheid in de Coolhaven
De Vrijheid in de Coolhaven

Daarna gaan de fietsen aan wal en gaan wij mijn nieuwe laptopje ophalen aan de Oudedijk, een kleine vijf kilometer van de Coolhaven.

11 juli
Wij hebben afgesproken met Merete en Peter. Zij komen in de middag bij ons op bezoek.

Bezoek in de Coolhaven (foto: Merete)
Bezoek in de Coolhaven (foto: Merete)

Nadien gaan wij met hen mee naar huis. Zij wonen dicht bij de Coolhaven. We zitten gezellig in het tuinhuisje achter op het erf. Het was een gezellige middag.

12 juli
We zetten andermaal de fietsen overboord en gaan op zoek naar de apotheek waar wij de door mij bestelde medicijnen ophalen. Daarna zoeken wij een supermarkt op en kopen eten voor de komende week.

13 juli
Rond kwart over tien maken wij los van de kade en varen over de Delfshavense Schie in noordwestelijke richting de stad uit. Het is lekker weer. De bruggen worden vlot bediend. Aan het eind, na de Hogebrug, houden wij stuurboord aan naar de Delftse Schie.

Hogebrug bij Overschie
Hogebrug bij Overschie

Detail Hogebrug
Detail Hogebrug

Het dorpje Overschie is in schril contrast met de grote stad die we zojuist verlaten hebben. Wij passeren het buurdschap Zwet en arriveren tegen de middag in Delft. In Delft is maar één plek waar je mag afmeren, in de Zuidkolk dicht bij het station. Meestal is het er vol. Ook nu ligt het aardig vol met pleziervaart. Aan het eind van de kade is nog een plekje maar dat lijkt ons wel erg krap. Een man staat te zwaaien en gebaart dat wij er volgen hem nog wel bij kunnen. Met behulp van de buren weten wij het schip tegen de kade te leggen. Aan de achterkant ligt een bootje van de Havendienst en onze bijboot schurkt er tegenaan. Daarom laat ik de bijboot even zakken. Nu hebben wij net genoeg ruimte. Een uurtje later nemen wij een plezierboot van ons kaliber langszij. De schipper is blij want hij moet morgen naar het ziekenhuis bloed laten prikken prikken. Aan het eind van de middag ligt de Zuidkolk tjokvol.
Dertien kilometer in bijna twee uur. Positie: 52°00'17.0"N, 4°21'36.3"E. externe link

14 juli
Wij nemen een snipperdag.

15 juli
Om te kunnen vertrekken moeten wij wel eerst wachten tot onze buren verdwenen zijn. Zodra wij vrij liggen maken wij los en varen naar de overkant waar nu ook ruimte is. Wij vullen onze watertank bij en hangen de bijboot weer in de davits. Rond één uur maken wij los en vervolgen onze weg richting noorden. Voor wij Delft uit zijn moeten wij nog door een aantal ophaalbruggen. Dat gaat niet zo vlot want de brugwachter wil bij de Koepoortbrug eerst wachten tot er een vrachtschip en een passagiersschip van de andere kant komt. Hij heeft het over ‘een paar minuutjes’ maar dat wordt een half uur. Als wij de stad uit zijn komen wij op het Rijn-Schiekanaal dat druk bevolkt wordt door studenten in roeiboten.

Roeiers op het Rijn-Schiekanaal
Roeiers op het Rijn-Schiekanaal

Deze nemen de hele vaarweg in beslag dus is het een drukte van belang. De bruggen in Rijswijk en Voorburg worden vlot bediend.

Rijn-Schiekanaal
Rijn-Schiekanaal

Alleen bij de Sytwendebrug in Leidschendam moeten wij even wachten want deze brug moet ter plekke door een brugwachter worden bediend. Na enkele minuten komt deze op zijn brommertje aangereden. In Leidschendam zijn aan weerszijden van de Keersluis ligplaatsen voor de pleziervaart. Als wij aan komen varen zien wij enkele vrije plekken. Om tien over half drie maken wij vast aan stuurboordoever aan de bovenkant van de sluis. Na het eten lopen wij naar de bij de sluis gesitueerde cafetaria en eten een ijsje op het terras aan de sluis.
Twaalf kilometer in anderhalf uur. Positie: 52°04'45.6"N, 4°23'41.5"E. externe link

16 juli
Om kwart over tien gaan wij voor de sluis liggen. Tegelijk met een aantal andere boten schutten wij naar boven.  Wij volgen het Rijn-Schiekanaal en passeren Voorschoten. Op de splitsing met het Korte Vlietkanaal richting Katwijk houden wij stuurboord aan naar Leiden. Plotseling worden wij enthousiast begroet door een tegenligger, leden van de Enschedese Watersport Vereniging. Bij de Lammebrug krijgen wij te horen dat wij twintig minuten moeten wachten op beroepsvaart. Wij leggen aan bij de wachtsteiger. Voorbij de Lammebrug moeten wij wachten voor de spoorbrug. Bij de Wilhelminabrug moeten wij wederom wachten op tegemoet komende beroepsvaart. Als wij eindelijk die bruggen gehad hebben gaan wij stuurboord uit naar de Oude Rijn. Daar staat een bord met een mededeling over een stremming. Om het verhaal even te kunnen lezen stop ik af. Plotseling schreeuwt Erica dat ik gas moet geven, héél veel gas! Ik aarzel geen moment en klap de motorbediening helemaal naar voren. Blijkt een groot plezierjacht vlak achter ons te zitten wiens schipper kennelijk ook het bord aan het lezen was en niet oplette. Een aanvaring kan ternauwernood worden voorkomen. Door deze gebeurtenis weten wij nog steeds niet wat er op het bord staat. Wij vernemen dat de Oude Rijn wegens werkzaamheden tot het komende weekend gestremd is. Dus maken wij rechtsomkeert en varen terug naar de kruising. Wij kunnen nog net mee met de opening van de Spanjaardbrug richting Kagerplassen. Aangekomen bij de Zijlbrug gooit de brugwachter vlak voor onze neus de brug dicht waardoor ik hard moet afstoppen. Of wij zijn niet gezien (kan ik me niet voorstellen) of het is een onbeschofte actie. Ik vraag Erica of ze even de mast wil strijken en even later varen wij onder de brug door. Onderweg naar de Kagerplassen moeten wij even bijkomen van de consternatie. Door deze stremming moeten wij ons reisplan aanpassen maar dat is niet erg. Wij varen in noordoostelijke richting over de plassen tot op het Spijkerboor. Via de Diepenhoek komen wij op het riviertje de Alde en varen door een prachtig recreatiegebied met vele campings en jachthaventjes. Aan het eind gaan wij stuurboord uit de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder op richting Aalsmeer. Via Nieuwe Wetering en Leimuiden komen wij op de Westeinderplassen. Wij zien dat de aanlegsteigers voor passanten vol liggen en gaan daarom om drie uur midden op de plas voor anker.
Zesendertig kilometer in ruim vier en een half uur. Positie: 52°15'04.1"N, 4°44'02.9"E. externe link

17 juli
Wij hebben afgesproken met de firma Buurs voor een onderhoudsbeurt aan onze CV-ketel. Rond half elf varen wij naar de Kolenhaven in Aalsmeer, een boodschappensteiger waar max. twee uur gelegen mag worden. Even later is de onderhoudsmonteur aan boord. Na de werkzaamheden varen wij de haven weer uit en gooien rond half drie het anker uit op de Kleine plas vlak bij het stadje. Om met de punt naar het zuiden te liggen gooien wij ook het achteranker uit.
Drie kilometer. Positie: 52°15'39.2"N, 4°44'48.3"E. externe link

18 juli
Wij varen met de bijboot naar de Kolenhaven om te winkelen. Tegen de avond eten wij een stukje in het dorp.

19 juli
Er staat een harde, onaangename noordenwind waardoor het niet prettig zitten is op het achterdek. Rond twaalf uur merk ik dat het achteranker is gaan krabben waardoor de boot andersom is gaan liggen. Wij halen de ankers op en varen naar de Grote Poel en wurmen ons tussen de andere boten aan de passantensteiger bij één van de vele eilandjes midden op de plas.

Westeinderplassen
Passantensteigers op de Westeinderplassen

In de middag varen wij met de bijboot naar de supermarkt en kopen voor een week voedsel in.
Twee kilometer. Positie: 52°15'10.0"N, 4°43'53.4"E. externe link